Het welzijn van de bewoner, de benodigde zorg en de behandelingsaspecten worden twee keer per jaar tijdens een multidisciplinair overleg (M.D.O) geëvalueerd met de bewoner en diens eerste contactpersoon. Daarin zijn de huisarts en een specialist ouderengeneeskunde (SOG) eindverantwoordelijk. Het zogeheten multidisciplinaire team zorgt er voor dat we op de hoogte blijven van het proces van dementie.

Er kan een moment komen dat de bewoner niet meer kan deelnemen aan het groepsgebeuren binnen en buiten de Zorgboerderij.Het wonen op de Zorgboerderijheeft dan geen meerwaarde meer en kan zelfs een negatief effect hebben op het welbevinden.
Dat geldt vooral voor degene die een groot deel van de dag in bed ligt, of volledig rolstoel afhankelijk is. Maar er kan ook sprake zijn van onbegrepen gedrag en/of agressie, wat een negatief effect heeft op het welzijn van medebewoners. Deze bewoner heeft behoefte aan andere zorg, die beter gegeven kan worden in een omgeving waar die zorg meer voorhanden is en dus ook gemakkelijker gegeven kan worden.

Wanneer er specifiekere zorg vereist is of de zorg te complex wordt, moet worden afgewogen of de mogelijkheden op de Zorgboerderijvoldoende afgestemd zijn op de behoeften en wensen van de bewoner. Zorgboerderij Hoeve Loevestein biedt een beschermde en veilige woonomgeving,maar is een open instelling. Dit betekent dat de Zorgboerderij en het omliggende terrein niet volledig zijn afgesloten. Wanneer er sprake is van veel bewegingsdrang en een bewoner hierdoor zichzelf in gevaar brengt, dan is er sprake van een onveilige situatie. In een dergelijke situatie zal er allereerst gekeken worden of er met beperkte maatregelen alsnog een veilige situatie kan worden gecreëerd.    Mochten de risico’s op gevaar echter te groot zijn, dan zal dit met de familie besproken worden en in samenspraak met de huisarts geadviseerd worden om te kijken naar een andere woonomgeving die veilig is voor de bewoner.

Het kan dus voorkomen dat een bewoner, die weinig of geen baat meer heeft bij het zorgaanbod van de zorgboerderij, verhuist naar een andere zorgvoorziening. Het is noodzakelijk dat hierover zowel bij debewoner (indien mogelijk) als eerste contactpersoon vanaf het begin duidelijkheid bestaat. Uiteraard vereist dit goed overleg met alle betrokkenen. Dit zal dan ook een belangrijk gesprekspunt binnen het M.D.O zijn.

Uitgangspunt is dat altijd eerst in deze situatie gezocht zal worden naar een oplossing,
om ervoor te zorgen dat de bewoner tot het einde van zijn of haar leven op de Zorgboerderij kan blijven. Mocht het echter zo zijn, dat er op de Zorgboerderij niet de juiste zorg geboden kan worden, dan wordt er gezamenlijk gezocht naar een goede zorgomgeving  waarnaar iemand ‘warm’ kan worden overgedragen.